Auteur van dit artikel
Yvonne Moolenaar
Yvonne Moolenaar

ymoolenaar@ggznederland.nl

bekijk op GGZ Connect

Maatregelen indicatiestelling van kracht

In opdracht van de staatssecretaris van VWS verscherpt het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ) sinds 1 december het toezicht op zorgaanbieders die indicatiebesluiten voorbereiden. Door het onderzoek naar upcoding (cliënt wordt voorgesteld als ernstig zorgbehoevend) van zorgaanbieders gaat het CIZ vaker toetsen. Zij gaat ook sneller over tot maatregelen wanneer een zorgaanbieder onjuiste indicatie-adviezen voorbereidt.

Het CIZ verscherpt het toezicht en handhaving met vijf maatregelen:

  1. per 1 december 2013 worden ook de indicatiemeldingen 80+ getoetst. Dit gebeurt steekproefsgewijs en thematisch achteraf, gemiddeld 30%. Onjuiste besluiten kunnen worden herzien per 1 januari 2014
  2. per 25 november 2013 worden de toetsing van standaard indicatieprotocollen verhoogd (SIP’s) van gemiddeld 5% / 16% naar 30% en herindicatie via taakmandaat (HiT’s) van 25% naar 30%
  3. verdieping van de toetsing door informatie op te vragen en rechtstreeks met een cliënt, arts of specialist te spreken en eventueel via face-to-face contact
  4. selectieve toetsing; op basis van trends in toetsingsuitkomsten wordt thematisch getoetst bijvoorbeeld bij specifieke zorgaanbieders of na wijziging van wet- en regelgeving
  5. intensivering van data-analyse van besluiten door bij risicogroepen meer uitkomsten uit fraude-onderzoeken te koppelen met toetsingsresultaten

Standaard wordt daarom 30% van de indicatiestelling getoetst en per kwartaal de balans opgemaakt van de afgelopen drie maanden. Wijkt het beoogde resultaat af van de norm (positief of negatief), dan worden interventies gedaan.