Bijlage XI. Model opleidingsreglement voor inservice-opleidingen

Artikel 1 Doel van de opleiding

Het doel van de opleiding is leerlingen die cognitieve, agogische en instrumentele vaardigheden en beroepshouding bij te brengen respectievelijk te ontwikkelen, waardoor zij in staat zijn na de normale opleidingsperiode het examen ter verkrijgen van het diploma ... …. met gunstig gevolg af te leggen, zodat ze tot een optimale beroepsuitoefening kunnen komen.

Artikel 2 Inhoud van de opleiding

De opleiding is gebaseerd op de opleidingsregeling ... ……. en kent een theoretisch en praktisch gedeelte. Aan het theoretische gedeelte liggen de leerstofomschrijvingen lessentabel ten grondslag van de opleiding ... zoals vermeld in de opleidingsregeling. Ten aanzien van de praktijkopleiding gelden de bepalingen die zijn opgenomen in genoemde opleidingsregeling inzake

1. de aard en de duur van de praktijkperioden;

2. de onderdelen die (per leerperiode) uit het praktijkopleidingsboek moeten kunnen worden afgetekend.

Artikel 3 Voorschriften

Voor de (wettelijke) voorschriften wordt verwezen naar de opleidingsregeling.

Artikel 4 Organisatorische plaats van de opleiding in de instelling

Het mondeling-theoretische deel van de opleiding vindt plaats in de instelling of in een regionaal samenwerkingsverband of aan een opleidingsinstituut of een school waaraan de instelling dit deel van de opleiding heeft gedelegeerd. De praktijkopleiding vindt plaats op de daarvoor krachtens de opleidingsregeling verplichte afdelingen en de overige afdelingen die een ruime oriëntatie bieden in de instelling of daarbuiten.

Artikel 5 De formele en materiële verantwoordelijkheden en de daarbij behorende bevoegdheden van de bij de opleiding betrokken personen

De instelling is verantwoordelijk voor de opleiding. De instelling heeft de uitvoering voor de opleiding opgedragen:

* inzake het geheel van de opleiding aan ...

* inzake de theoretische opleiding aan ...

* inzake de praktijkopleiding aan ...

Artikel 6 Structuur van de opleiding

De opleiding voor het diploma…………. ... is te onderscheiden in

a. voorbereidende of introductie- respectievelijk pre-klinische periode;

b. theoretische opleiding, te onderscheiden in

* mondeling-theoretisch gedeelte en/of

* schriftelijk-theoretisch gedeelte;

c. praktijkopleiding.

ad a. De introductieperiode van ... weken waarin opgenomen ... uren theoretisch onderwijs.

ad b. De mondeling-theoretische opleiding na beëindiging van de introductieperiode, verdeeld over leerperioden/leerjaren, waarin per leerperiode/leerjaar ... lesuren theoretisch onderwijs wordt gegeven.

ad c. De praktijkopleiding vindt plaats zoals aangegeven in artikel 4.

Artikel 7 Leerkrachten

De mondeling-theoretische opleiding wordt verzorgd door bevoegde leerkrachten zoals vastgelegd in de opleidingsregeling. De schriftelijk-theoretische opleiding wordt gegeven door ... t.b.v. deze opleiding erkend door ...

Artikel 8 Begeleiding van de leerling

  1. Theoretische opleiding:
    De begeleiding van de leerling in de theoretische opleiding ligt in handen van een persoon die wordt aangewezen door de instantie die verantwoordelijk is voor het mondeling-theoretische gedeelte van de opleiding. De betreffende persoon moet één van de in artikel .…. van de opleidingsregeling vastgestelde bevoegdheden bezitten.
  2. Betreffende de praktijkopleiding:
    De begeleiding van de leerling in de praktijkopleiding ligt in handen van een persoon of van personen die wordt/worden aangewezen door de instantie die verantwoordelijk is voor de praktijkopleiding.
  3. De hierboven bedoelde personen bespreken zowel de theoretische als de praktische vorderingen met de leerling en leggen die vorderingen systematisch vast. De daartoe aangewezen persoon tekent de praktische vorderingen af in het praktijkopleidingsboek.

Artikel 9 Wijze van beoordeling van leerlingen

  1. Theoretische opleiding
    De beoordeling van de theoretische resultaten geschiedt conform het daartoe gestelde in de opleidingsregeling als bedoeld in artikel 2.
  2. Praktijkopleiding
    De beoordeling van de praktijkresultaten, waarbij ook de attitude van de leerling hoort, vindt ten minste éénmaal per jaar plaats door de in artikel 8, sub b. bedoelde persoon respectievelijk personen.

Artikel 10 Opzegging bij theoretische en/of praktische ongeschiktheid

De werkgever kan de leer-/arbeidsovereenkomst door opzegging beëindigen, als blijkt dat de leerling theoretisch en/of praktisch niet geschikt is voor de functie waarvoor hij wordt opgeleid. Als een leer-/arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is aangegaan, eindigt deze bij ongeschiktheid. De ongeschiktheid voor de betreffende functie wordt vastgesteld op grond van de bepalingen in de van toepassing zijnde opleidingsregeling en/of Wet en zoals bedoeld in artikel 9.

Artikel 11 Leer-/arbeidsovereenkomst; verbod van nawerkperiode na (inservice-)opleiding

De werkgever mag met de werknemer - voor bepaalde of onbepaalde tijd in dienst - die een inservice-opleiding volgt onder welke benaming ook geen overeenkomst aangaan die de werknemer verplicht om na beëindiging van de opleiding nog een bepaalde tijd, gerelateerd aan de duur van de opleiding, in dienst van de werkgever te blijven en bij eerder vertrek een schadevergoeding te betalen. Deze verbodsbepaling is niet van toepassing op de vervolgopleidingen als genoemd in H 8 A artikel 5 van de CAO GGZ, voorzover de hierin bedoelde overeenkomst bij het begin van deze vervolgopleiding is aangegaan.