C Mogelijkheden tot decentrale afspraken tussen ondernemingsraad en werkgever

  1. De CAO GGZ heeft een standaardkarakter. Dat houdt in dat alleen van de cao kan worden afgeweken indien dit nadrukkelijk staat vermeld.
  2. Indien een afwijkende decentrale instellingsregeling wordt getroffen komen directie en ondernemingsraad schriftelijk het volgende overeen: de decentrale instellingsregeling eindigt op het moment dat de cao-regeling waarvan is afgeweken, wordt gewijzigd. Vanaf dat tijdstip wordt de cao-regeling weer van toepassing, tenzij de werkgever en de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging opnieuw een afwijkende instellingsregeling overeenkomen.
  3. Instellingsregelingen worden in ieder geval getroffen voor:
    • adequate opvang van medewerkers die in het kader van uitoefening van hun functie een traumatische ervaring hebben gehad (H3B, art. 1 lid 4)
    • huisregels voor de door de werkgever ter beschikking gestelde woonruimte (H3B, art.2.) (indien daar sprake van is)
    • maatregelen in het kader van Arbeid en Gezondheid (H9A)
    • verzuim- en herstelprotocol (H9B)
    • reiskostenvergoeding ambulante werknemer (H11A, art. 2, lid 3 .)
    • scholing en duurzame inzetbaarheid (H11B, art.3)
    • het op te stellen strategisch opleidingsplan, het jaarlijkse opleidingsplan en -budget (H11B, art.4)
    • meerkeuzesysteem arbeidsvoorwaarden (H12B, art. 7)
  4. De cao heeft een aantal kan-bepalingen opgenomen. Deze bepalingen bieden de werkgever de mogelijkheid om in of na overleg met de ondernemingsraad een andere regeling te treffen dan in de cao staat. Deze regeling treedt dan in plaats van de regeling in de cao. Wordt er geen afwijkende regeling getroffen, dan blijft de cao regeling van kracht.  Afwijkende regelingen zijn mogelijk ten aanzien van:
    • compensatie feestdagen (H6, art. 9, lid 4)
    • bevordering (H7B, art.8 lid 3)
    • waarneming (H7B, art. 9 lid 3)
    • aanpassing termijn bij (her)indelingsprocedure (Bijlage V. onderdeel A onder Algemeen)
    • herbeschrijvingsprocedure (Bijlage V. onderdeel A 3.1 lid 1 en 5)
    • samenstelling IBC (Bijlage V. onderdeel B art. 5)
    • compensatie bac-dienst (H10C, art. 12);
    • compensatie crisisdienst (H10D, art. 9)
    • vergoeding slaapdienst (H10E art. 5, lid 2)
    • begeleiding cliënten tijdens vakantie (H10E, art. 7, lid 4)
    • vergoeding woon-werkverkeer (H11A, art. 1, lid 6)
    • vergoeding reis- en verblijfkosten (H11A, art. 1, lid 6)
    • vaststellen van twee verplichte vakantiedagen (H12B, art.1 lid 3)
    • afwijkende termijn voor kopen en verkopen van vakantie-uren (H12B, artikel 7 onder 1.4.)
    • uitvoering voor het jaargesprek (H15A, art. 1, lid 6 )
    • onderbrengen van bezwaren bij beoordeling werknemer bij bestaande commissie (H15A, art. 2, lid 11)
    • uitgebreider beoordelingssysteem dan in de cao (H15A art. 2, lid 13)