D Verlof

Artikel 1 Definities

  1. a. In deze regeling wordt verstaan onder betaald verlof: het in een werktijdenregeling of rooster door de werknemer op grond van deze regeling op te nemen aantal uren waarop geen arbeid hoeft te worden verricht. Deze uren tellen mee bij de vaststelling van de totale arbeidsduur.
    b. In deze regeling wordt verstaan onder onbetaald verlof: het recht op vrij van iedere dienst en/of aanwezigheids-, bereikbaarheids-, consignatie-, crisis- en/of slaapdienst. Het op grond van deze regeling verleende onbetaalde verlof wordt bij de vaststelling van de totale arbeidsduur buiten beschouwing gelaten.
  2. De in het gezin van de werknemer verblijvende kinderen voor wie een adoptie-aanvraag is ingediend, worden voor de toepassing van deze verlofregelingen als kind van de werknemer aangemerkt.
  3. Voor de toepassing van deze verlofregelingen geldt voor deeltijdwerkers het naar-rato-beginsel.

Artikel 2 Onbetaald verlof i.v.m. bijzondere gebeurtenissen

De werkgever geeft de werknemer voor de hierna genoemde gebeurtenissen onbetaald verlof:

a. verhuizing van de werknemer;
b. huwelijksaangifte van de werknemer;
c. het doen van aangifte van geregistreerd partnerschap;
d. het verlijden van een notariële akte waarmee een ongehuwd samenlevingsverband wordt vastgelegd;
e. het als lid bijwonen van vergaderingen van Provinciale Staten, Gemeenteraad, Gewestraad of Waterschap;
f. het voorbereiden van een in het opleidingsreglement of de opleidingsregeling aangegeven examen van een inservice-opleiding of van een aangegeven examen in de opleidingsovereenkomst voor een duale opleiding als genoemd in H 8 Leerlingen onder A.1: maximaal 4 halve vrije dagen of 2 vrije dagen per jaar direct voorafgaand aan het examen.

Artikel 3 Vrije dagen i.v.m. bijzondere gebeurtenissen

  1. De werkgever stelt de werknemer in de gelegenheid om deel te nemen aan de hierna vermelde gebeurtenissen gedurende de bij die gebeurtenissen vermelde periode.Voor zover de gebeurtenis samenvalt met een werkdag verleent de werkgever betaald verlof.

a. verhuizing van de werknemer in opdracht van de werkgever: twee vrije dagen;

b. huwelijk of registratie van partnerschap van één van de leden van het gezin van de werknemer: één vrije dag;

c. huwelijk of registratie van partnerschap van bloedverwanten in de eerste en tweede graad van de werknemer, van de echtgeno(o)t(e) of relatiepartner: één vrije dag;

d. 25- en 40-jarig huwelijksfeest van de werknemer: één vrije dag;

e. 25-, 40-, 50-, 60-jarig huwelijksfeest van (pleeg)ouders van de werknemer, van de echtgeno(o)t(e) of relatiepartner: één vrije dag;

f. 25-en 40-jarig dienstjubileum van de werknemer: één vrije dag;

g. 25- en 40-jarig priesterjubileum van de werknemer die lid is van een religieuze communiteit: één vrije dag;

h. overlijden van de echtgeno(o)t(e) of relatiepartner, (pleeg)kinderen, (pleeg)ouders van de werknemer dan wel de echtgeno(o)t(e) of relatiepartner: de dag van overlijden tot en met de dag van de begrafenis of crematie;

i. overlijden van of het bijwonen van de begrafenis of crematie, voorzover niet reeds uit hoofde van sub h recht op betaald verlof bestaat, van bloed- en aanverwanten in de 2e graad van de werknemer, van de echtgeno(o)t(e) of relatiepartner: één vrije dag.

2. Voor de gebeurtenissen genoemd in lid 1 sub a t/m g moet de werknemer 14 etmalen tevoren aan de werkgever melden dat hij van de regeling gebruik wenst te maken. Voor de gebeurtenissen genoemd in lid 1 wordt in afwijking van artikel 1 lid 3 voor deeltijders het naar rato beginsel niet toegepast.

Artikel 4 Extra vakantie-uren

  1. De werknemer die een huwelijk of op andere wijze een samenlevingsverband aangaat, bij notariële akte of gemeentelijke of kerkelijke registratie, heeft recht op twee extra vakantiedagen (=14,4 uur). De werkgever hoeft slechts éénmaal de extra vakantiedagen toe te kennen, zolang het hetzelfde samenlevingsverband betreft.
  2. Voor werknemers die een arbeidsduur van gemiddeld 38 uur hebben, gelden in plaats van de onder a. genoemde uren: 16 uren.

Artikel 5 Extra verlof

  1. De werkgever stelt de werknemer in de gelegenheid deel te nemen aan bestuurlijke en ministeriële commissies en tuchtrechtcolleges in het kader van de gezondheidszorg. De werknemer krijgt betaald verlof als die deelneming leidt tot verzuim van in de werktijdenregeling of rooster opgenomen arbeidsuren.
  2. De werkgever stelt de werknemer in de gelegenheid deel te nemen aan vergaderingen en zittingen van publiekrechtelijke colleges waarin de werknemer is verkozen en benoemd. Dit geldt eveneens voor commissies waarin de werknemer is benoemd uit hoofde van zijn lidmaatschap van deze publiekrechtelijke colleges. De werknemer kan betaald of onbetaald verlof krijgen als deelname aan de in dit lid bedoelde activiteiten leidt tot verzuim van de in de werktijdenregeling of rooster opgenomen arbeidsuren. Kiest de werknemer voor betaald verlof, dan maakt de werkgever aanspraak op de vergoeding die een werknemer ontvangt uit de functie waarvoor hem het bedoelde verlof wordt verleend. De keuze voor onbetaald of betaald verlof wordt jaarlijks in overleg met de werkgever vastgesteld.

Artikel 6 Overige verlofmogelijkheden

De werkgever kan aan de werknemer betaald of onbetaald verlof verlenen.

Artikel 7 Bovenwettelijk verlof

Boven de wettelijke verlofvormen in de Wet arbeid en zorg (WAZO) zijn er de volgende nadere afspraken gemaakt:

  1. Zwangerschaps- en bevallingsverlof
    Aansluitend aan het bevallingsverlof verleent de werkgever desgewenst aan de vrouwelijke werknemer onbetaald verlof voor een periode van maximaal vier weken. Werkgever en werknemer maken daarover uiterlijk drie maanden voor de vermoedelijke datum van de bevalling een afspraak. De vrouwelijke werknemer maakt haar wens daartoe tijdig kenbaar.
  2. Kraamverlof
    De werknemer heeft –in aanvulling op het wettelijk recht van twee dagen waarop hij arbeid verricht- na de bevalling van zijn echtgenote of relatiepartner recht op verlof van 14,4 uur.
  3. Kortdurend zorgverlof
    Kortdurend zorgverlof is er om enkele dagen noodzakelijke zorg aan  (pleeg- of adoptie)kinderen, de partner of ouders te geven en vanaf 1 juli 2015 ook aan grootouders, kleinkinderen, broers en zussen, andere huisgenoten dan kinderen of partner, mensen met wie de werknemer een sociale relatie hebben en die van de hulp van de werknemer afhankelijk zijn. De werkgever betaalt minstens 70% van het salaris door. Het maximum aantal op te nemen uren kortdurend zorgverlof bedraagt in een periode van 12 maanden 2 keer de overeengekomen arbeidsduur per week. Gedurende het kortdurende zorgverlof wordt in afwijking van artikel 5:6 van de WAZO het salaris volledig doorbetaald ingeval het kortdurend zorgverlof betreft voor:
  • de echtgenoot of de relatiepartner;
  • een inwonend kind, inwonend kind van de echtgenoot of relatiepartner, adoptiekind of pleegkind waarbij laatstgenoemde op grond van verklaringen uit de GBA op hetzelfde adres als de werknemer woont en door hem in diens gezin duurzaam wordt verzorgd en opgevoed;
  • een ouder van de werknemer.
  1. Langdurend zorgverlof

Langdurend zorgverlof is er om voor langere tijd noodzakelijke zorg aan (pleeg- of adoptie)kinderen, de partner of ouders te geven en vanaf 1 juli 2015 ook aan grootouders, kleinkinderen, broers en zussen, andere huisgenoten dan kinderen of partner, mensen met wie de werknemer een sociale relatie hebben en die van de hulp van de werknemer afhankelijk zijn en in geval iemand hulpbehoevend of ziek is. Langdurend zorgverlof is zonder doorbetaling van salaris. Het maximum aantal uren op te nemen langdurend zorgverlof bedraagt per 12 maanden maximaal 6 keer de overeengekomen arbeidsduur per week.

Het langdurend zorgverlof wordt in afwijking van artikel 5:10 van de WAZO toegekend voor thuisverpleging en/of verzorging van maximaal drie maanden aaneengesloten en wordt volledig doorbetaald ingeval het langdurend zorgverlof betreft voor:

  • de echtgenoot of de relatiepartner;
  • een inwonend kind, inwonend kind van de echtgenoot of relatiepartner, adoptiekind of pleegkind waarbij laatstgenoemde op grond van verklaringen uit de GBA op hetzelfde adres als de werknemer woont en door hem in diens gezin duurzaam wordt verzorgd en opgevoed
  • een ouder van de werknemer.

In het tijdvak van dit verlof worden begrepen:

  • de eerste twee weken die gelden voor het kortdurend zorgverlof;
  • de in dat tijdvak opgebouwde vakantierechten;
  • alsmede de LFB-uren voor de werknemers die onder de 55+ categorie van het LFB overgangsrecht vallen (berekend over het tijdvak van het verlof).

De werknemer legt een verklaring over van de arts/behandelaar over de noodzaak van de verpleging en/of verzorging.

  1. Ouderschapsverlof

Het recht op ouderschapsverlof bestaat vanaf het tijdstip van indiensttreding.

  1. Aanspraken op een uitkering krachtens de WAZO worden door de werknemer aan de werkgever gecedeerd.

Artikel 8 Premies tijdens onbetaald verlof

  1. De over de periode van onbetaald verlof als bedoeld in artikel 6 verschuldigde premies ten laste van de werkgever kunnen op de werknemer worden verhaald.
  2. Als de werknemer tijdens de periodes van onbetaald verlof als bedoeld in artikel 7 onder a en in geval van ouderschapsverlof de pensioenopbouw vrijwillig voortzet en/of de zorgverzekering voortzet of een zorgverzekering afsluit, neemt de werkgever een deel van de daarvoor aan het Pensioenfonds Zorg en Welzijn, het IZZ of een andere ziektekostenverzekeraar verschuldigde premies voor zijn rekening. Het deel van de premies dat voor rekening komt van de werkgever, is gelijk aan het bedrag van de werkgeversbijdrage pensioenpremie, zorgpremie zoals de werkgever dat direct voorafgaande aan het onbetaald verlof verschuldigd was. Dat deel van de premies bedraagt echter niet meer dan de volledige premies die gedurende de periode van onbetaald verlof aan het Pensioenfonds Zorg en Welzijn, het IZZ, of de andere zorgverzekeraar verschuldigd zijn. De werknemer moet na het onbetaalde verlof zijn dienstverband wel ten minste gedurende zes maanden voortzetten. Als de werkgever zorgt voor afdracht van de volledige premie, verhaalt hij het deel dat niet voor zijn rekening komt op de werknemer.
  3. Het in het tweede lid bedoelde, voor rekening van de werkgever komende deel van de premies moet de werknemer terugbetalen als het dienstverband na het onbetaald verlof niet wordt voortgezet met het in lid 2 genoemde tijdvak. werkgever en werknemer treffen hiertoe een regeling.

Artikel 9 Afwijzing verlof

Kan uit een oogpunt van instellings- of cliëntenbelang in redelijkheid niet van de werkgever verlangd worden dat hij op een bepaald tijdstip verzuim toestaat of verlof verleent, dan neemt de werkgever na overleg met de werknemer een (gedeeltelijk) afwijzend besluit.